| Uit
te voeren actie: |
Resultaat op het display: |
|
|
| Stap
1 Houdt de [UTILITY] toets ingedrukt. |
INPUT - SETTING |
|
Stap 2 Druk op [►] |
SELECT INPUT CH |
| Stap
3 Selecteer ingang 1 m.b.v. [INPUT SELECT]
|
IN1- _______ |
Stap
4 Druk op [▼] Draai aan de [PARAMETER] knop
tot de gewenste ingangsgevoeligheid is bereikt.
NB: Microfooningangen hebben doorgaans een instelling van "-60"
en lijngangen een instelling van "-10". Houdt zoveel mogelijk de
door de fabrikant opgegeven specificaties van de geluidsbronnen
aan. |
IN1-INPUT SENSITIVITY-60 |
| Stap
5 Druk op [▼] Kies "ON" m.b.v. de [PARAMETER]
knop als dit voor de betreffende ingang nodig is. Raadpleeg
zonodig de specificaties van de microfoonfabrikant. |
IN1-PHANTOM
ON |
| Stap
6 Druk op [▼] Kies "ON" met de [PARAMETER]
knop |
IN1-VOX
ON |
Stap
7 Druk op [▼] Kies "1" met de [PARAMETER] knop
Dit is de hoogste prioriteit |
IN1-PRIORITY
1 |
| Stap
8 Druk op [▼] Kies "ON" met de [PARAMETER]
knop |
IN1-DUCKER
ON |
| Stap
9 Druk op de toets [ESC/BACK] |
INPUT - SETTING |
|

|
|
3.2
Routeringen maken als gevolg van een
'event' |
|
|
| Uit
te voeren actie: |
Resultaat op het display: |
|
|
| Stap
1 Draai aan de [PARAMETER] knop |
EVENT SETTING |
| Stap
2 Druk op [►] |
EVENT
"01"
NONE |
| Stap
3 Druk nog eens op [►] |
EVENT 01
"NONE" |
| Stap
4 Draai aan de [PARAMETER] knop |
EVENT 01
"ROUTE" |
| Stap
5 Druk op [▼] |
EVENT 01
"IN1" |
| Stap
6 Selecteer ingang 2 m.b.v. [INPUT SELECT]
|
EVENT 01
"IN2" |
|

|
| Stap
7 Druk op [▼] |
EVENT 01
"OUT1" |
|
Druk op [Output ON/OFF]
waardoor er een rode led gaat branden naast OUT1 |
|
Druk op [OUTPUT
SELECT] |
EVENT 01
"OUT2" |
|
Druk op [Output ON/OFF]
waardoor er ook een rode led gaat branden naast OUT2 |
| Stap
8 Druk op [▼] |
EVENT 01
"ROUTE" |
| Stap
9 Druk op [◄] |
EVENT
"01"
ROUTE |
| Stap
10 Draai aan de [PARAMETER] knop |
EVENT
"02"
NONE |
| Stap
11 Druk op [►] |
EVENT 02
"NONE" |
| Stap
12 Draai aan de [PARAMETER] knop |
EVENT 02
"ROUTE" |
| Stap
13 Druk op [▼] |
EVENT 02
"IN2" |
| Stap
14 Druk nog eens op [▼] |
EVENT 02
"OUT1" |
|
Druk op [Output ON/OFF] waardoor er
een rode led gaat branden naast OUT1 |
| Stap
15 Druk op [▼] |
EVENT 02 TRIG
"NONE" |
| Stap
16 Draai aan de [PARAMETER] knop |
EVENT 02 TRIG
"VOX" |
| Stap
17 Druk op de toets [ESC/BACK] |
"EVENT SETTING" |
|
Stap 18 Druk op de toets
[MEMORY] om dit event op te slaan, het scherm wordt gewist. |
|

|
|
3.3 Het
oproepen en activeren van een opgeslagen event |
|
|
| Uit
te voeren actie: |
Resultaat op het display: |
|
|
| Stap
1 Houdt de [MEMORY] toets ingedrukt. |
EVENT
----->------ |
| Stap
2 Draai aan de [PARAMETER] knop |
EVENT
01 OFF |
| Stap
3 Druk op de toets [ENTER] |
EVENT 01
ON |
|
NB: Op dit moment moet er
achtergrondmuziek via beide uitgangen hoorbaar zijn. |
|
Stap 3 Druk nog eens op de
toets [MEMORY] waardoor het display wordt gewist. |
|

|
Het resultaat van bovenstaande
'event programmering' is:
a) Via beide uitgangen wordt er muziek weergegeven.
b) Zodra er in de microfoon wordt gesproken is dit alleen
hoorbaar op uitgang 1, waarbij de muziek op uitgang 1 is
onderdrukt. Op uitgang blijft de muziek hoorbaar en wordt de
microfoon niet weergegeven. |
|